Bericht 002
Mededeling van de Commissie - TRIS/(2017) 00838
Richtlijn (EU) 2015/1535
Vertaling van het bericht 001
Kennisgeving: 2017/0127/D
No abre el plazo - Nezahajuje odklady - Fristerne indledes ikke - Kein Fristbeginn - Viivituste perioodi ei avata - Καμμία έναρξη προθεσμίας - Does not open the delays - N'ouvre pas de délais - Non fa decorrere la mora - Neietekmē atlikšanu - Atidėjimai nepradedami - Nem nyitja meg a késéseket - Ma’ jiftaħx il-perijodi ta’ dawmien - Geen termijnbegin - Nie otwiera opóźnień - Não inicia o prazo - Neotvorí oneskorenia - Ne uvaja zamud - Määräaika ei ala tästä - Inleder ingen frist - Не се предвижда период на прекъсване - Nu deschide perioadele de stagnare - Nu deschide perioadele de stagnare.
(MSG: 201700838.NL)
1. MSG 002 IND 2017 0127 D NL 27-03-2017 D NOTIF
2. D
3A. Bundesministerium für Wirtschaft und Energie, Referat E B 2, 11019 Berlin,
Tel.: 0049-30-2014-6353, Fax: 0049-30-2014-5379, E-Mail: infonorm@bmwi.bund.de
3B. Bundesministerium der Justiz und für Verbraucherschutz, Referat V B 2, 10117 Berlin
Tel.: 0049-30-18580-9522, Fax: 0049-30-18580-9525, E-Mail: poststelle@bmjv.bund.de
4. 2017/0127/D - SERV60
5. Wet ter verbetering van de rechtshandhaving op sociale netwerken (NetzDG)
6. -
7. -
8. Het ontwerp voorziet in de invoering van wettelijke complianceregels voor sociale netwerken om de sociale netwerken ertoe te brengen klachten over haatmisdrijven en andere strafbare inhoud sneller en meer omvattend te behandelen.
Daarbij wordt door middel van een wettelijke definitie van het sociaal netwerk gewaarborgd dat de rapportageplicht enkel van toepassing is op de exploitanten van grote sociale netwerken met een opinievormende macht en niet alle dienstenaanbieders overeenkomstig de wet inzake telemedia (TMG). Mediaplatformen met eigen journalistiek-redactioneel gecreëerde inhoud vallen niet onder het ontwerp. De definitie van sociale netwerken betreft zowel de uitwisseling van inhoud met andere gebruikers in een gesloten netwerkgemeenschap (gated community), als de openbare verspreiding van inhoud. Er wordt een drempel vastgesteld voor kleinere ondernemingen (start-ups). Voorts wordt verduidelijkt dat dit ontwerp enkel betrekking heeft op onrechtmatige inhoud die het objectieve voorwerp vormt van de strafrechtelijke bepalingen die tot doel hebben haatmisdrijven of andere strafbare inhoud overeenkomstig § 1, lid 3, van het wetsontwerp te bestrijden.
Sociale netwerken zijn wettelijk verplicht om elk kwartaal te rapporteren over de behandeling van klachten in verband met strafrechtelijk relevante inhoud. Het rapport moet statistische gegevens over het aantal klachten en de beschikkingspraktijk van de netwerken bevatten, alsmede toelichtingen over de met de behandeling van de klachten belaste teams. Het rapport wordt in de elektronische „Bundesanzeiger” en op de eigen homepage van het sociale netwerk op gemakkelijk te vinden wijze bekendgemaakt.
In het ontwerp worden wettelijke normen vastgesteld voor een doeltreffend beheer van klachten die waarborgen dat kennelijk strafrechtelijk relevante inhoud, die objectief voldoet aan een van de in § 1, lid 3, vermelde strafrechtelijke bepalingen, in de regel 24 uur na indiening van de klacht van een gebruiker door de sociale netwerken wordt verwijderd. Er worden doeltreffende en transparante procedures vereist voor de onmiddellijke verwijdering van onrechtmatige inhoud, alsook gebruikersvriendelijke mechanismen voor het indienen van klachten. Het uitgangspunt van deze complianceplicht is de aansprakelijkheidsregeling voor dienstenaanbieders overeenkomstig § 10 TMG. Zij zijn verplicht om onrechtmatige inhoud die ze voor een gebruiker opslaan, onmiddellijk te verwijderen of de toegang daartoe te blokkeren, wanneer zij in kennis zijn gesteld van de inhoud. De in dit ontwerp opgenomen complianceplichten schrijven deze verplichting voor aan dienstenaanbieders en concretiseren ze.
Het opzettelijk of uit nalatigheid niet-naleven van de rapportageplicht, de niet-inachtneming van de plicht om een doeltreffend klachtenbeheer in te voeren en de niet-inachtneming van de plicht om een binnenlandse procesgemachtigde en een binnenlandse gerechtigde ontvanger voor verzoeken om inlichtingen van de rechtshandhavingsinstanties aan te wijzen, vormen overeenkomstig het ontwerp een administratieve overtreding die met een geldboete tot 5 miljoen EUR kan worden bestraft. De geldboete moet overeenkomstig § 17, lid 4, van het wetboek van administratieve overtredingen (OWiG) hoger zijn dan het uit de administratieve overtreding afkomstige economische voordeel.
Aangezien § 130 OWiG eveneens van toepassing is, kan ook de eigenaar van de onderneming, die het sociale netwerk exploiteert, worden vervolgd, als de administratieve overtreding van de plicht om een doeltreffend klachtenbeheer in te voeren, van de rapportageplicht of van de plicht om een binnenlandse procesgemachtigde en een binnenlandse gerechtigde ontvanger aan te wijzen, had kunnen worden verhinderd of aanzienlijk worden bemoeilijkt door passend toezicht.
Overeenkomstig § 30 OWiG kan ook aan rechtspersonen of groepen personen een geldboete worden opgelegd. Het maximale bedrag van de geldboete overeenkomstig dit ontwerp wordt in dit geval verhoogd naar 50 miljoen EUR (§ 30, lid 2, zin 3, OWiG).
Als bevoegde administratieve instantie overeenkomstig § 36 OWiG wordt in het ontwerp de Federale Dienst voor Justitie aangeduid die in het kader van de vervolging van de in dit ontwerp gedefinieerde administratieve overtredingen ook moet controleren of er sprake is van strafbare inhoud in de zin van § 1, lid 3.
9. Tegenwoordig valt een massieve verandering van de maatschappelijke discussies op het internet en in het bijzonder op sociale netwerken te constateren. De discussiecultuur op het internet is vaak agressief, kwetsend en niet zelden vol haat. Haatmisdrijven en racistische opruiing kunnen iedereen op grond van mening, huidskleur of afkomst, religie, geslacht of seksuele oriëntering belasteren. Haatmisdrijven en andere strafbare inhoud die niet doeltreffend kunnen worden bestreden en vervolgd, vormen een groot gevaar voor het vredig samenleven in een vrije, open en democratische maatschappij.
Na de ervaringen in de Amerikaanse verkiezingen heeft de bestrijding van strafbaar nepnieuws („fake news”) op sociale netwerken ook in de Bondsrepubliek Duitsland aan prioriteit gewonnen.
Op sociale netwerken moet dus een betere rechtshandhaving komen om objectief strafbare inhoud zoals het aanzetten tot rassenhaat, belediging, laster of verstoring van de openbare rust door het veinzen van strafbare feiten, onmiddellijk te verwijderen.
Dat haatmisdrijven en andere strafbare inhoud steeds vaker en vooral op sociale netwerken voorkomen, vormde reeds in 2015 een aanleiding voor het Bondsministerie van Justitie en Consumentenbescherming om een taskforce met de exploitanten van de netwerken en vertegenwoordigers van het maatschappelijke middenveld in het leven te roepen. De in de taskforce vertegenwoordigde ondernemingen hebben toegezegd om de omgang met aanwijzingen voor haatmisdrijven en andere strafbare inhoud aan hun kant te verbeteren. De ondernemingen hebben zich ertoe verbonden om gebruikersvriendelijke mechanismen voor het melden van kritische reacties in te voeren en het leeuwendeel van de gemelde reacties met linguïstisch en juridisch gekwalificeerde teams binnen 24 uur te controleren en te verwijderen, indien zij onrechtmatig zijn. Als maatstaf voor de controle wordt het Duitse recht genomen.
De vrijwillige verbintenissen van de ondernemingen hebben al verbeteringen opgeleverd. Maar deze volstaan nog niet. Er wordt nog steeds te weinig strafbare inhoud verwijderd. Uit een door jugendschutz.net uitgevoerde monitoring van verwijderingen op sociale netwerken van januari/februari 2017 is gebleken dat de klachten van normale gebruikers tegen strafbare inhoud net als voordien niet onmiddellijk en adequaat worden behandeld. Bij YouTube wordt ondertussen wel 90 % van de gevallen van strafbare inhoud verwijderd. Bij Facebook gebeurt dit daarentegen slechts in 39 % van de gevallen en bij Twitter slechts in 1 % van de gevallen.
Ook de transparantie van sociale netwerken is niet toereikend. De door sociale netwerken bekendgemaakte informatie over de verwijdering of blokkering van onrechtmatige inhoud op hun platformen is niet voldoende relevant. De ontvangen klachten worden niet ingedeeld in categorieën en bovendien houden de ondernemingen geen gegevens bij over het percentage klachten dat tot verwijderingen of blokkeringen heeft geleid.
De aanbieders van sociale netwerken dragen een verantwoordelijkheid voor de maatschappelijke discussiecultuur die zij ook daadwerkelijk moeten nemen. Gezien het feit dat de huidige instrumenten en de toegezegde vrijwillige verbintenissen van de sociale netwerken niet het gewenste effect sorteren en er aanzienlijke problemen bestaan bij de handhaving van het geldende recht, moeten er met geldboeten bestrafte complianceregels worden ingevoerd teneinde doeltreffend en onmiddellijk tegen haatmisdrijven en andere strafbare inhoud op het internet te kunnen optreden.
10. Er zijn geen basisteksten.
11. Nee
12. -
13. Nee
14. Nee
15. Het ontwerp veroorzaakt voor de sociale netwerken in totaal een uitvoeringskost ten bedrage van minstens 28 miljoen EUR per jaar. Het ontwerp veroorzaakt een uitvoeringskost voor de Bond ten bedrage van minstens 4 miljoen EUR per jaar en een eenmalige kost ten bedrage van minstens 350 000 EUR. De totale noodzakelijke uitvoeringskost voor de deelstaten wordt geraamd op minstens 200 000 EUR per jaar.
16. TBT-aspect
Nee – Het ontwerp heeft geen grote invloed op de internationale handel.
SPS-aspect
Nee – Het ontwerp heeft geen grote invloed op de internationale handel.
**********
Europese Commissie
Contactpunt Richtlijn (EU) 2015/1535
Fax: +32 229 98043
email: grow-dir83-189-central@ec.europa.eu