Bericht 001
Mededeling van de Commissie - TRIS/(2026) 1294
Richtlijn (EU) 2015/1535
Kennisgeving: 2026/0234/DE
Kennisgeving van een ontwerptekst van een lidstaat
Notification – Notification – Notifzierung – Нотификация – Oznámení – Notifikation – Γνωστοποίηση – Notificación – Teavitamine – Ilmoitus – Obavijest – Bejelentés – Notifica – Pranešimas – Paziņojums – Notifika – Kennisgeving – Zawiadomienie – Notificação – Notificare – Oznámenie – Obvestilo – Anmälan – Fógra a thabhairt
Does not open the delays - N'ouvre pas de délai - Kein Fristbeginn - Не се предвижда период на прекъсване - Nezahajuje prodlení - Fristerne indledes ikke - Καμμία έναρξη προθεσμίας - No abre el plazo - Viivituste perioodi ei avata - Määräaika ei ala tästä - Ne otvara razdoblje kašnjenja - Nem nyitja meg a késéseket - Non fa decorrere la mora - Atidėjimai nepradedami - Atlikšanas laikposms nesākas - Ma jiftaħx il-perijodi ta’ dewmien - Geen termijnbegin - Nie otwiera opóźnień - Não inicia o prazo - Nu deschide perioadele de stagnare - Nezačína oneskorenia - Ne uvaja zamud - Inleder ingen frist - Ní osclaíonn sé na moilleanna
MSG: 20261294.NL
1. MSG 001 IND 2026 0234 DE NL 11-05-2026 DE NOTIF
2. Germany
3A. Bundesministerium für Wirtschaft und Energie, Referat EB3
3B. Bundesministerium für Landwirtschaft, Ernährung und Heimat, Referat 321 (Tierschutz)
4. 2026/0234/DE - C00A - Landbouw, visserij en levensmiddelen
5. Ontwerp van een derde wet tot wijziging van de wet inzake de etikettering van veehouderijproducten (Tierhaltungskennzeichnungsgesetz)
6. Betrokken dienst: Varkenshouderij; betrokken producten: Varkensvlees als vers vlees, bereid voor menselijke consumptie, en klaar voor consumptie
7.
Verordening (EU) nr. 1169/2011 betreffende de verstrekking van levensmiddeleninformatie aan consumenten: artikelen 40, 43, 44 en 45
Verordening (EU) nr. 1169/2011 betreffende de verstrekking van levensmiddeleninformatie aan consumenten: artikelen 40, 43 en 45
8. De derde wet tot wijziging van de wet inzake de etikettering van veehouderijproducten, die momenteel voor een stemming in behandeling is, houdt een ingrijpende hervorming in van die wet inzake de etikettering van veehouderijproducten. De wijzigingswet introduceert diverse vereenvoudigingen om de administratieve rompslomp voor bedrijven en overheidsinstanties te verminderen. Daarnaast wordt de etiketteringsplicht voor dierlijke producten uitgebreid naar horecagelegenheden en bepaalde verwerkte levensmiddelen. Een andere belangrijke wijziging is de verplichte etikettering van ingevoerde levensmiddelen, ter vervanging van de eerdere vrijwillige deelname van buitenlandse marktdeelnemers. Dit betekent dat buitenlandse marktdeelnemers moeten deelnemen aan het systeem inzake de etikettering van veehouderijproducten als zij hun producten in Duitsland in de handel willen brengen.
Vereenvoudigingen:
In Duitsland gevestigde varkenshouders die alleen de stalhouderijmethode gebruiken, hoeven geen kennisgeving bij de bevoegde autoriteit in te dienen, aangezien kan worden aangenomen dat binnenlandse exploitanten aan de Duitse minimumnormen voldoen. Deze maatregel verlicht de administratieve rompslomp voor de landbouwsector en de administratie.
Bovendien zal dit de levensmiddelenindustrie in staat stellen om een praktijk toe te passen die bekendstaat als ‘downgrading’. Dit betekent dat varkensvlees kan worden geëtiketteerd als afkomstig van een minder diervriendelijk veeteeltsysteem dan het systeem dat daadwerkelijk tijdens de mestfase wordt toegepast. In dit kader bepalen de levensmiddelenbedrijven zelf welk landbouwsysteem op het etiket wordt vermeld. Deze praktijkgerichte regelgeving biedt levensmiddelenbedrijven meer flexibiliteit om levensmiddelen van dierlijke oorsprong in de handel te brengen. Hierdoor kunnen levensmiddelenbedrijven flexibel inspelen op veranderende marktomstandigheden, zeker wat betreft vraag en aanbod. Tegelijkertijd krijgen de eindgebruikers altijd informatie over de (minimale) houderijnormen, aangezien het nu verplicht is om zowel binnenlandse als ingevoerde levensmiddelen te etiketteren.
Buitenlandse marktdeelnemers:
De wet bevat de verplichting om varkensvlees te etiketteren overeenkomstig de wet inzake de etikettering van veehouderijproducten, telkens wanneer dit varkensvlees bestemd is voor de Duitse markt, ongeacht of het in Duitsland is geproduceerd. Dit vervangt de eerdere vrijwillige deelname voor ingevoerde producten.
Uitbreiding van het toepassingsgebied tot de teelt van zeugen en biggen:
De derde wet tot wijziging van de regelgeving inzake de etikettering van veehouderijproducten voert de verplichting in dat de houderijmethoden ‘stal en ruimte’, ‘vrije uitloop’ en ‘buiten/weide’ moeten voldoen aan de essentiële minimumvereisten van de Duitse wetgeving inzake dierenwelzijn voor het houden van zeugen en biggen. Dit omvat onder meer de Duitse vereisten met betrekking tot niet-curatieve ingrepen (verbod op biggencastratie zonder verdoving), evenals de beperkingen met betrekking tot het gebruik van drachtboxen voor zeugen in fokcentra en kraamgebieden. Daarom wordt varkensvlees van dieren die niet volgens de Duitse dierenwelzijnsnormen werden gehouden wanneer het biggen (of hun zeugen) waren, geëtiketteerd met de laagste veehouderijcategorie “stal”, ongeacht hoe de dieren daadwerkelijk tijdens de mestfase werden gehouden.
Levensmiddelensector
Ook voor levensmiddelen die bestemd zijn voor menselijke consumptie en klaar is om te worden gegeten, geldt de etiketteringsverplichting. Dit betekent in het bijzonder dat de etikettering van veehouderijproducten ook te vinden kan zijn in de horeca, bijvoorbeeld in restaurants, kantines en snackbars.
9. De verplichte etikettering van dierlijke producten speelt in op de wens van consumenten om meer informatie te krijgen over de leefomstandigheden van de dieren die voor de levensmiddelenproductie worden gebruikt. Zo kunnen consumenten weloverwogen aankoopbeslissingen nemen en bewust kiezen tussen verschillende veehouderijmethoden. Tegelijkertijd onderstreept de verplichte etikettering de inspanningen van boeren om het dierenwelzijn te verbeteren. De wijzigingswet heeft tot doel de etikettering van veeteeltproducten te hervormen en uit te breiden om uitgebreide informatie aan de consument te waarborgen. De wijziging heeft ook tot doel te zorgen voor een praktische toepassing zonder onnodige administratieve rompslomp.
9 bis. De wijzigingswet heeft tot doel een verplichte etikettering voor geïmporteerde levensmiddelen in te voeren en deze verplichting uit te breiden naar de horeca en bepaalde bewerkte levensmiddelen. Hiermee wordt het doel bereikt om uitgebreide informatie over veehouderijmethoden te verstrekken. 71 procent van de consumenten geeft aan minstens één keer per maand in een restaurant, café of taverne te eten (zie BMLEH Nutrition Report 2025, blz. 24). In de levensmiddelensector is er doorgaans weinig of geen informatie beschikbaar over de leefomstandigheden van de dieren waarvan het voedsel afkomstig is. Er is met name geen verplichte etikettering in deze sector. Om tegemoet te komen aan de wens van consumenten naar meer informatie en transparantie, ook in deze sector, beoogt deze wijzigingswet de etikettering van dierlijke producten uit te breiden naar deze sector.
De wijzigingswet voorziet in vereenvoudigingen voor eigenaren van veehouderijen en levensmiddelenbedrijven (zoals volledige herindeling en vereenvoudigingen van de kennisgevingsprocedure en de etikettering van kant-en-klare levensmiddelen). Deze verordeningen hebben tot doel de etiketteringsvereisten op een praktische manier toe te passen en de bureaucratie tot een minimum te beperken.
9 ter. De wet inzake de etikettering van veehouderijproducten heeft de verplichte etikettering van levensmiddelen van dierlijke oorsprong ingevoerd, waarbij wordt aangegeven welke houderijmethoden zijn toegepast bij de dieren waarvan deze producten afkomstig zijn. Om dit aan te passen, is een wijzigingswet nodig.
Daarom is deze wijziging van de huidige wet inzake de etikettering van veehouderijproducten noodzakelijk om de doelstellingen te bereiken van uitgebreide informatie aan de consument en een praktische uitvoering met zo min mogelijk administratieve rompslomp. Deze doelstellingen kunnen op geen enkele andere manier worden bereikt.
Het regeerakkoord voor de 21e zittingsperiode bevat een bepaling inzake een ingrijpende hervorming van de wet inzake de etikettering van veehouderijproducten. De resolutie betreffende de eerste wet tot wijziging van de wet inzake de etikettering van veehouderijproducten (BT-Drs. 21/555) herbevestigde de noodzaak van een dergelijke hervorming.
9 quater. Aangezien de uitbreiding van de etiketteringsvereisten ook vereenvoudigingen met zich meebrengt voor belanghebbenden in de voedselketen, is de rompslomp die voortvloeit uit de verplichte etiketteringsverplichting niet onevenredig ten opzichte van het doel om uitgebreide informatie aan de consument te verstrekken.
In het bijzonder de mogelijkheid om de etiketteringsvereisten “naar beneden bij te stellen” en vereenvoudigingen in de kennisgevingsprocedure en de etikettering van kant-en-klare levensmiddelen dragen ertoe bij dat de administratie in de uitvoering van de etikettering tot een minimum wordt beperkt en dat de belanghebbenden in de voorzieningsketen van levensmiddelen en de administratieve autoriteiten niet onevenredig worden belast.
Bovendien bouwt de bestaande regelgeving voort op reeds bestaande structuren (bijvoorbeeld voor traceerbaarheid en informatie-uitwisseling), zodat er als gevolg van de wet inzake de etikettering van veehouderijproducten geen parallelle of soortgelijke structuur hoeft te worden opgezet. Dit draagt ook bij aan een praktische en efficiënte uitvoering waarbij de administratieve rompslomp tot een minimum wordt beperkt.
10. Verwijzing naar de basisteksten: 2022/0693/D
Basisteksten zijn toegezonden in het kader van een eerdere kennisgeving:
2022/0693/D
11. Nee
12.
13. Nee
14. Nee
15. Nee
16.
TBT-aspect:
Het ontwerp is een technisch voorschrift of een conformiteitsbeoordeling.
Het ontwerp heeft aanzienlijke gevolgen voor de internationale handel
SPS-aspect: Nee
**********
Europese Commissie
Contactpunt Richtlijn (EU) 2015/1535
email: grow-dir2015-1535-central@ec.europa.eu