Bericht 002
Mededeling van de Commissie - TRIS/(2020) 03207
Richtlijn (EU) 2015/1535
Vertaling van het bericht 001
Kennisgeving: 2020/0544/A
No abre el plazo - Nezahajuje odklady - Fristerne indledes ikke - Kein Fristbeginn - Viivituste perioodi ei avata - Καμμία έναρξη προθεσμίας - Does not open the delays - N'ouvre pas de délais - Non fa decorrere la mora - Neietekmē atlikšanu - Atidėjimai nepradedami - Nem nyitja meg a késéseket - Ma’ jiftaħx il-perijodi ta’ dawmien - Geen termijnbegin - Nie otwiera opóźnień - Não inicia o prazo - Neotvorí oneskorenia - Ne uvaja zamud - Määräaika ei ala tästä - Inleder ingen frist - Не се предвижда период на прекъсване - Nu deschide perioadele de stagnare - Nu deschide perioadele de stagnare.
(MSG: 202003207.NL)
1. MSG 002 IND 2020 0544 A NL 02-09-2020 A NOTIF
2. A
3A. Bundesministerium für Digitalisierung und Wirtschaftsstandort
Abteilung III/8
A-1010 Wien, Stubenring 1
Telefon +43-1/71100 805210
Telefax +43-1/71100
E-Mail: not9834@bmdw.gv.at
3B. Bundeskanzleramt
Abteilung V/3
Ballhausplatz 1, 1010 Wien
Telefon: +43 1 531 15-20 23 88
Fax: +43 1 531 15-20 42 85
E-Mail: medienrecht@bka.gv.at
4. 2020/0544/A - SERV60
5. Ontwerp van een federale wet betreffende maatregelen ter bescherming van gebruikers op communicatieplatformen (Wet op communicatieplatformen (Kommunikationsplattformen-Gesetz, ofwel “KoPl-G”)
6. Aanbieders van communicatieplatformen
Communicatieplatformen zoals bedoeld in deze wet zijn diensten van de informatiemaatschappij die als hoofddoel of essentiële functie hebben om via de massamedia uitwisseling van berichten of presentaties met intellectuele inhoud in woord, schrift, geluid of beeld mogelijk te maken tussen gebruikers en een grotere groep mensen. Aanbieders van communicatieplatformen zijn niet onderworpen aan de verplichtingen ingevolge deze federale wet als het aantal geregistreerde gebruikers lager is dan 100.000 en als de omzet die wordt gegenereerd door het gebruik van het communicatieplatform minder bedraagt dan EUR 500.000. Bovendien zijn aanbieders van platformen voor het leveren van goederen en diensten, online encyclopedieën zonder winstoogmerk en mediabedrijven die communicatieplatformen aanbieden die rechtstreeks verband houden met hun journalistieke producties, uitdrukkelijk uitgesloten van de verplichtingen van deze wet.
7. -
8. De federale wet betreffende maatregelen ter bescherming van gebruikers op communicatieplatformen (Wet op communicatieplatformen (Kommunikationsplattformen-Gesetz, ofwel “KoPl-G”) legt grote communicatieplatformen organisatorische verplichtingen op om bepaalde onwettige inhoud effectief en transparant te behandelen. Illegale inhoud zoals bedoeld in deze wet is die welke beantwoordt aan een van de strafbare feiten vermeld in § 2, punt 6, en die niet gerechtvaardigd is.
Het ontwerp voorziet in de volgende verplichtingen voor aanbieders:
Er moet op de platformen een effectieve en transparante procedure voor het melden van onwettige inhoud worden vastgesteld, die er onder andere voor zorgt dat gebruikers gemakkelijk en constant melding kunnen maken van bepaalde inhoud, inhoud snel wordt gecontroleerd en, indien nodig, geblokkeerd of verwijderd (duidelijk onwettige, d.w.z. strafbare inhoud binnen 24 uur, en andere onwettige, d.w.z. strafbare inhoud binnen zeven dagen), de betrokken gebruikers worden geïnformeerd over de beslissing omtrent het verwijderen van inhoud of blokkeren van het platform, en dat de verwijderde of geblokkeerde inhoud, evenals de gegevens die nodig zijn om de auteur te identificeren, gedurende tien weken worden bewaard voor bewijsdoeleinden, inclusief voor doeleinden van strafrechtelijke vervolging (zie § 3, lid 1 t/m 3).
Daarnaast moet worden voorzien in een toetsingsprocedure, waarbij zowel de gebruiker die een melding doet als de gebruiker wiens inhoud is geblokkeerd of verwijderd, om een toetsing van de beslissing inzake een (onterechte) blokkering of verwijdering door het platform kan verzoeken (zie § 3, lid 4).
Aanbieders van communicatieplatformen dienen in een jaarverslag informatie te verschaffen over hun behandeling van meldingen van onwettige inhoud. Aanbieders van communicatieplatformen met meer dan een miljoen geregistreerde gebruikers dienen hier elk kwartaal over te rapporteren (zie § 4).
Om de toegankelijkheid (inclusief betekeningsadres) te garanderen, dienen de aanbieders een verantwoordelijke aan te wijzen om de verantwoordingsplicht te waarborgen (zie § 5).
De toezichthoudende autoriteit dient, afhankelijk van de ernst van de wetsovertreding, een boete op te leggen aan een aanbieder als een van de verbintenissen die uit deze wet voortvloeien, op systematische wijze wordt geschonden (zie § 10). Het ontwerp voorziet er echter in dat eerst een opdracht tot verbetering moet worden gegeven alvorens een procedure voor het opleggen van een boete wordt gestart (zie § 9). Aan een verantwoordelijke functionaris kan een boete worden opgelegd als hij er niet voor zorgt dat hij bereikbaar is of niet de nodige zorgvuldigheid betracht om ervoor te zorgen dat aan de verplichting tot het vaststellen van een meldings- en toetsingsprocedure en aan de meldplicht wordt voldaan.
9. De belangrijkste reden voor het opstellen van het huidige wetsontwerp is de zorgwekkende ontwikkeling dat het internet en de sociale media, naast de voordelen die deze nieuwe technologieën en communicatiekanalen met zich meebrachten, ook tot een nieuwe vorm van geweld heeft geleid en dat het haatzaaien op het internet in de vorm van beledigingen, vernederingen, desinformatie, en gewelds- en doodsbedreigingen toeneemt. De aanvallen stoelen voornamelijk op racistische, xenofobe, vrouwonvriendelijke en homofobe motieven. Er is een alomvattende strategie en een pakket maatregelen nodig dat varieert van preventie tot sancties. Deze strategie is gebaseerd op de twee pijlers platformverantwoordelijkheid en slachtofferbescherming, waarbij het huidige wetsontwerp ziet op het waarborgen van platformverantwoordelijkheid.
Aan de bestaande verplichting om onwettige inhoud onmiddellijk na kennisneming te verwijderen of de toegang tot onwettige inhoud te blokkeren, wordt door aanbieders van communicatieplatformen vaak niet naar tevredenheid voldaan. Bovendien toetsen platformen de door gebruikers gerapporteerde inhoud over het algemeen alleen aan hun eigen community-richtlijnen en niet aan de nationale strafbare feiten. De betrokkenen zijn daarom vaak gedwongen juridische stappen te ondernemen om bepaalde inhoud te laten verwijderen. Daarom is het belangrijk om communicatieplatformen meer hun verantwoordelijkheid te laten nemen. Aangezien dit een grensoverschrijdende uitdaging vormt, is effectieve regelgeving op Europees niveau de beste oplossing. In haar besluit van de ministerraad van 9 juli 2020 verwelkomde de Duitse regering dan ook de indiening van een door de Europese Commissie voor het einde van het jaar aangekondigde Wet inzake digitale diensten ("Digital Services Act”). Aangezien dit lopende raadplegingsproces en met name de bijbehorende wetgevingsprocedure op Europees niveau enige tijd in beslag zal nemen, is het - op basis van de ervaringen met de Duitse en Franse wetgevingsinitiatieven - noodzakelijk om wettelijke maatregelen te nemen en zo snel mogelijk voor meer transparantie, verantwoording en verantwoordingsplicht bij de platformen te zorgen.
De urgentie van de kwestie vereist dat onmiddellijk nationale maatregelen ten uitvoer worden gelegd. Totdat het gebrek aan regelgeving op Europees niveau is verholpen, dient een wet te worden opgesteld met maatregelen om gebruikers op communicatieplatformen te beschermen en het haatzaaien op internet doeltreffend te bestrijden, o.a. door communicatieplatformen wettelijk te verplichten een klachtenbeheersysteem op te zetten voor het omgaan met onrechtmatige inhoud. Daarnaast voorziet het ontwerp in een verplichting een verantwoordelijke functionaris aan te stellen om de verantwoordingsplicht (inclusief betekeningsadres) te waarborgen. Om de informatiebasis over de activiteiten van de platformen op dit gevoelige terrein te vergroten en de maatregelen te kunnen evalueren, bevat het wetsontwerp ook de verplichting om regelmatig te rapporteren over de omgang met onwettige inhoud. Minder beperkende maatregelen zouden minder doeltreffend zijn gezien de huidige risicosituatie, het gewenste beschermingsniveau tegen strafbare inhoud op communicatieplatformen en het houden van toezicht op de naleving van de eisen. De maatregelen zijn gebaseerd op het voorbeeld van andere lidstaten (DE, F) waartegen de EC geen formele bezwaren heeft gemaakt en die tot verlenging van de opschortende termijn zouden hebben geleid.
10. Er zijn geen basisteksten.
11. Nee
12. -
13. Nee
14. Nee
15. Ja
16. TBT-aspect
Nee – Het ontwerp is geen technisch voorschrift, noch een procedure voor de beoordeling van de conformiteit.
SPS-aspect
Nee – Het ontwerp is geen sanitaire of fytosanitaire maatregel.
**********
Europese Commissie
Contactpunt Richtlijn (EU) 2015/1535
Fax: +32 229 98043
email: grow-dir2015-1535-central@ec.europa.eu